De wijk

De Tarwewijk is een van de acht wijken van het Rotterdamse stadsdeel Charlois. Zij ligt ten zuiden van Maashaven en heeft de vorm van een driehoek. De ene kant van de driehoek wordt gevormd door de haven, de andere twee door de Pleinweg en de Dordtselaan. Via deze twee grote wegen staat de wijk rechtstreeks in verbinding met de Maastunnel en de Erasmusbrug. De metro die dwars door de Tarwewijk rijdt vormt eveneens een directe verbindingslijn tussen Noord en Zuid of Zuid en Noord. Deze stedenbouwkundige kenmerken hebben er samen met haar socio-historische context toe geleid dat de Tarwewijk een instap- en doorstroomwijk is geworden.

De Tarwewijk is niet oud. Zij bestaat slechts iets meer dan 100 jaar. Omstreeks 1914 werd de wijk gebouwd in een polder van de gemeente Charlois, vooral om de havenarbeiders van de snel groeiende haven te vestigen. Talloze boeren uit het westen van Noord-Brabant en van de Zeeuwse en Zuid-Hollandse eilanden die ten gevolge van de heersende malaise in de landbouw brodeloos waren geworden, konden in de Rotterdamse haven werk vinden. Zij vestigden zich op de linker Maasoever in de nieuwe wijken die dicht bij de havens lagen. Gewild was onder andere de ‘Tarwebuurt’ (de toenmalige benaming voor de huidige Tarwewijk) waar zich grote graanbedrijven en opslagplaatsen vestigden zoals Meneba, de Quaker en de Maassilo. In de aangrenzende Maashaven werden de graanschepen verladen. De naam van de wijk heeft zijn oorsprong dus in deze geschiedenis.

De Tarwebuurt van toen was bekend als een gezellige volksbuurt. Zij had een buurtraad met een eigen onderkomen. Zo werden er van oude kranten die wekelijks werden opgehaald, uitstapjes betaald voor de bewoners uit de Tarwebuurt. Grote straten zoals de Mijnsherenlaan en de Dordtselaan gaven een statige uitstraling aan de buurt. In deze straten woonden vooral artsen, advocaten en notarissen. De gehele wijk telt meer dan 35 bekende Nederlanders die hier geboren zijn of gewoond hebben zoals uitgever Geert van Oorschot en schrijver A.M. de Jong.

Om culturele voorzieningen voor de Tarwewijk en omgeving te treffen werden in 1954 de Groote Schouwburg en in 1959 de Kunstzaal Zuid geopend. Beide waren gelegen tussen de Pleinweg en Zuidplein. Het Zuidpleingebied werd beschouwd als behorende bij de Tarwewijk. Toen in 1968 Rotterdam-Zuid door middel van de metrolijn werd ontsloten, werden er direct plannen gemaakt om rondom Zuidplein een groot overdekt winkelcentrum te bouwen dat uiteindelijk in 1970 werd geopend.

Begin jaren vijftig vestigden zich de eerste gastarbeiders in de wijk. Eerst Italianen en later, in de jaren zestig Spanjaarden, Turken en Marokkanen. De Nederlandse bewoners die in de eerste vier tot vijf decennia ’s van afgelopen eeuw in de Tarwewijk kwamen wonen verlieten steeds meer de wijk met het gevolg dat de huidige bevolking voor 79% allochtoon is. Er wonen nog weinig personen in de Tarwewijk van wie de grootouders ook hier gewoond hebben. Überhaupt wonen er niet veel oudere mensen, slechts 7% is ouder dan 65 jaar. Daarentegen zijn 18% jonger dan 15 jaar. Verontrustend is wel dat 69% van de huishoudens rond moet komen met een laag inkomen en slechts 12% van de Tarwewijkers werkzaam is. Deze gegevens en andere cijfers van het wijkprofiel geven al jaren aan dat de Tarwewijk een probleemwijk is. De Gemeente werkt sinds eind van de vorige eeuw gestaag aan een verbetering van de situatie op fysiek en sociaal niveau en met betrekking tot de veiligheid. Verschillende bewonersinitiatieven, zoals ook de CultuurWerkplaats Tarwewijk, dragen op hun manier iets bij aan de verbetering van de wijk.